Mèrlett Tecnoplastic

logo mèrlett tecnoplastic

percorso di navigazione

home page [h] versoTechnical informations

Technical informations

1 TIPS OM HET JUISTE BUISTYPE TE KIEZEN

Voor een optimaal rendement moeten zowel de buis als de accessoires die erbij horen, worden gekozen in functie van de omstandigheden waarin de buis zal worden gebruikt; voordat u de diameter, het type en de kwaliteit beslist, dient u grondig alle condities in acht te nemen waarin de buis zal worden gebruikt.

Houd rekening met de volgende punten als u een buis en bijbehorende accessoires kiest:

1.bepaal precies welk materiaal, welke stof de buis moet vervoeren
2.controleer of de buis past op eventuele reeds bestaande koppelingen
3.bepaal de afmetingen, de lengte en de afwijkingslimieten voor het gebruik en de montage.

Houd rekening met de risico’s die het product kan vormen voor kinderen en bejaarden.

2 INFORMATIE VAN ALGEMENE AARD

De structuur van kunststof materialen kan wijzigen, zowel tijdens de opslag ervan als tijdens het gebruik. Deze wijzigingen worden pas in de loop van de tijd merkbaar, afhankelijk van het gebruikte materiaal en kunnen versnellen door bepaalde factoren of een combinatie ervan.
Versterkende materialen kunnen ook beschadigd raken als ze verkeerd worden opgeslagen en/of gebruikt.
Wij raden aan deze materialen nooit te lang bloot te stellen aan zonnestralen en weer en wind in het algemeen, en ze zo weinig mogelijk te gebruiken in de directe buurt van apparatuur die de ontwikkeling van ozon bevorderen.

Opgelet: daar waar geldig voor buizen, geldt dit ook voor de accessoires.

3 OPSLAGCONDITIES

3.1. Voorschriften voor correcte opslagcondities

De aanbevelingen die volgen, bevatten enkele voorzorgsmaatregelen die u dient te treffen om opgeslagen goederen zo weinig mogelijk schade te laten oplopen.

3.2 Opslagtijd

De opslagtijd moet zo kort mogelijk zijn (bijvoorbeeld door geprogrammeerde rotatie). Als u geen lange opslagtijd kunt vermijden en u volgt de aanbevelingen die volgen niet op, moet u de buis zorgvuldig controleren voordat u deze gebruikt.

3.3 Temperatuur en vocht

De beste temperatuur voor het opslaan van buizen in kunststof ligt tussen 10°C en 25°C. Buizen mogen niet worden opgeslagen op plaatsen met een temperatuur die hoger is dan 40°C of lager dan 0°C. Als de temperatuur onder –5°C zakt, dient u ook op te passen tijdens het verplaatsen van de buizen.

Buizen mogen niet worden opgeslagen in de nabijheid van warmtebronnen of op plaatsen met een zeer hoge of zeer lage vochtigheidsgraad. Wij raden een vochtigheidsgraad aan van maximum 65%.

3.4 Aanraking met andere materialen

Buizen mogen nooit in aanraking komen met chemische producten zoals verdunners, brandstof, olie, vet, zuur, ontsmettende middelen enzovoort die de fysieke en mechanische kenmerken van het materiaal kunnen wijzigen.

3.5. Warmtebronnen

De limiettemperatuur van punt 3.3 moet altijd worden gerespecteerd. Als dit niet mogelijk is, dient u voor een thermische beveiliging te zorgen.

3.6 Opslagcondities

Buizen moeten zodanig worden opgeslagen dat ze niet kunnen samengedrukt, dat er niet aan wordt getrokken of dat ze niet kunnen vervormen en er moet voor worden gezorgd dat ze niet in de buurt liggen van scherpe voorwerpen die snijden of boren. Bij voorkeur moeten buizen worden opgeslagen op speciale rekken of droge oppervlakken.
Verpakte buizen moeten horizontaal liggen en liefst niet op elkaar. Als dit niet kan, mag de stapel niet te hoog zijn om te voorkomen dat de onderste buizen doorbuigen.
De inwendige openingdiameter mag nooit kleiner zijn dan de dubbele boogstraal die wordt aangeduid door fabrikant volgens de technische standaards. Wij raden aan andere materialen op buizen, stangen of haken te leggen. Wij raden bovendien aan buizen die recht worden geleverd, horizontaal en zonder ze te verbuigen, weg te leggen.

3.7 Knaagdieren en insecten

Buizen moeten beschermd worden tegen knaagdieren en insecten.
Als dit risico daadwerkelijk bestaat, moet u gepaste voorzorgsmaatregelen treffen.

3.8 Verpakkingen duidelijk herkenbaar maken

Wij raden aan zowel verpakte als niet verpakte buizen altijd duidelijk herkenbaar te maken.
Plak er labels op met de identificatiegegevens.

3.9 Magazijnverzending

Voordat u buizen uit het magazijn verstuurt, controleert u deze goed.

3.10 Magazijnlevering

Gebruikte buizen dienen te worden gereinigd voordat ze worden opgeslagen; er mogen geen productsporen meer op of in zitten. Dit geldt in het bijzonder voor buizen die zijn gebruikt voor chemische stoffen, explosieve, ontvlambare, bijtende of schurende stoffen. Controleer na het reinigen of de buis opnieuw kan worden gebruikt.

4. GEBRUIKSVOORSCHRIFTEN EN METHODE

Als u het buistype hebt gekozen, dient u rekening te houden met de volgende installatiecriteria.

4.1 De verpakking openen

Pas er bij het uitpakken voor op dat u de buizen niet beschadigt met scherpe voorwerpen zoals messen of scharen.

4.2 Controleren voor het installeren

Voordat u de buizen installeert, dient u zorgvuldig te controleren of het type, de diameter en de lengte voldoen aan de technische specificaties. Bovendien dient u op zicht te controleren of ze nergens verstopt zijn, of er geen sneden in zitten, of de buitenkant nergens beschadigd is en of er nergens duidelijk zichtbare defecten zijn.

4.3 Verplaatsen

Tijdens het verplaatsen van buizen mag u er nergens mee tegen aan stoten, ze niet over schurende oppervlakken slepen of samendrukken. Trek nooit hard aan buizen of slangen die krom zijn of opgerold.
Zware buizen die meestal horizontaal worden geleverd, moeten op speciale transportsteunen worden vervoerd. Als u houten transportsteunen gebruikt of steunen van andere materialen, mogen deze niet behandeld of gelakt zijn met middelen die slecht zijn voor de buizen.

4.4 Druk- en lekdichtheidstest

De arbeidsdruk waarvoor een buis is bestemd en die er meestal op wordt vermeld, dient te worden nageleefd. Als u na het installeren de buizen hebt ontlucht, verhoogt u geleidelijk aan de druk in de buizen totdat u de arbeidsdruk bereikt om de installatie te testen op lekdichtheid. Test de buizen in veilige omstandigheden.

4.5 Temperatuur

Buizen moeten altijd worden gebruikt met de (meestal) voorgeschreven temperaturen. Raadpleeg de fabrikant in geval van twijfel. De arbeidsdruk die in de catalogus staat, geldt meestal voor een temperatuur van 23°C ± 2°C; andere temperaturen verminderen de prestaties.

4.6 Vervoerde producten

Buizen dienen te worden gebruikt voor het vervoer van de producten waarvoor ze zijn gemaakt. Raadpleeg de fabrikant altijd in geval van twijfel. Vermijd zo veel mogelijk mechanische druk of kracht op buizen die niet worden gebruikt.
Als de buizen producten vervoeren die gevaarlijk zijn (wegens hun aard of toepassing) voor de gezondheid van de mens, de natuur en/of de voorwerpen rondom, dient u de nodige maatregelen te treffen om een zo veilig mogelijke situatie te scheppen als een buis zou breken of ontploffen.

4.7 Omgevingscondities

Buizen dienen te worden gebruikt in de omgevingscondities waarvoor ze zijn gemaakt.

4.8 Boogstraal

Buizen installeren met een kleinere boogstraal dan het toegestane minimum betekent de levensduur en het weerstandsvermogen ervan aanzienlijk doen afnemen en kan dus schade veroorzaken. Leg bovendien geen bochten vlak bij koppelingen en verbindingen.

4.9 Torsie

Buizen zijn niet gemaakt om te worden verbogen tenzij voor speciale doeleinden.

4.10 Trillingen

Trillingen zijn zwaar belastend voor buizen en kunnen oververhitting veroorzaken, vooral om en bij de verbindingen die hierdoor vaak sneller uit elkaar kunnen springen. Het is dus raadzaam te controleren of de buizen die u gebruikt, gemaakt zijn voor dit soort belasting.

4.11 Punten en spitsen

Maak geen punten of spitsen in buizen omdat dit vooral in kunststof materiaal belastende krachten veroorzaakt waardoor ze kunnen gaan springen en de prestaties van de materialen afnemen.
Sommigen denken met dergelijke hulpmiddelen de doorgang van vloeistoffen in buizen te kunnen verminderen; dit systeem is afgeraden om de hierboven uiteengezette redenen.

4.12 De verbindingen kiezen en monteren

Op voorwaarde dat de voorschriften van de fabrikant worden nageleefd, dient u altijd te controleren of de verbindingen en de buizen bestemd zijn voor dezelfde arbeidsdrukwaarden. Verbindingen die groter zijn dan de buizen zelf veroorzaken abnormale belastingen die de buisversterkingen kunnen breken of de binnenkant van de buizen kan beschadigen, terwijl te kleine diameters moeilijkheden geven bij het dichtschroeven, lekken en in geval van materiaal dat uitmeerdere lagen bestaat, vloeistoffen die tussen deze laagjes gaan zitten. Er mogen geen scherpe hoeken en kanten aan de verbindingen zitten die de buis kunnen beschadigen. Water of sop zijn handig om buisverbindingen in elkaar te steken. Gebruik hiervoor nooit producten met olie of andere agressieve producten, behalve voor buizen die bestemd zijn voor het vervoer van dergelijke producten. Het is verboden buizen in elkaar te kloppen met houten hamers of soortgelijke middelen. Schroefringen die op de buitenkant zitten of andere aanschroevende middelen, zijn afgeraden. Op dezelfde manier zijn geïmproviseerde schroefringen (zoals ijzerdraad) waaraan scherpe kanten zitten of te hard aangetrokken sluitstrippen afgeraden omdat de buisafwerking en -versterkingslaag hierdoor kunnen worden beschadigd.

4.13 Verlies van statische elektriciteit

Als de buizen elektrische continuïteit moeten garanderen, dient u de voorschriften van de fabrikantna te leven en te testen of er geen stroomverlies op de installatie en de verbindingen zit. Controleer dit met een normale tester.

4.14 Permanente installatie

Buizen moeten goed worden ondersteund zodat ze hun normale bewegingen onder druk kunnen maken (uitzetten in de lengte, diameter, buigen enz.).

4.15 Niet permanente installatie

Als de buis niet permanente of verrijdbare installaties verbindt, dient u te controleren of de buis lang genoeg is, of de bewegingen de buizen niet te veel belasten door abnormale wrijvingen, tractie, torsie, verbuigingen enzovoort.

4.16 Identificatie

Om extra identificatiegegevens aan te brengen, kunt u plakband gebruiken.
Als u toch lak of verf moet gebruiken, raadpleegt u eerst de fabrikant om te controleren of deze middelen compatibel zijn met de buitenlaag van de buis.

5 BEHOUD

5,1 Onderhoud

Ook als u de buizen goed hebt gekozen, opgeslagen en gemonteerd, hebben ze regelmatig onderhoud nodig. Hoe vaak u dit doet, hangt af van de manier waarop de buizen worden gebruikt. Tijdens de normale inspecties dient u in het bijzonder aandacht te besteden aan de verbindingen en onregelmatigheden die wijzen op slijtage.

Hierna volgt een beknopte lijst van eventuele onregelmatigheden:

- spleten, groeven, kreuken, sneden, barsten, schuringen, losgeraakte delen, beschadigingen aan binnen- of buitenkant waaronder de versteviging zichtbaar is;
- vervorming, luchtbellen, opgezwollen delen onder druk;
- verharde of te zacht geworden delen;
- lekken.

Voor deze gebreken dient de buis te worden vervangen. Als op de buitenlaag de vervaldatum staat, dient deze te worden gerespecteerd, ook als er geen duidelijke slijtagesporen op zitten.

5.2 Reparaties

Reparaties zijn afgeraden. Als de slijtage echter aan het uiteinde zit, kan dit uiteinde worden afgesneden.

5.3 Reiniging

Als de reinigingsinstructies niet door de fabrikant zelf worden geleverd, reinigt u de buis indien nodig met water en zeep en gebruikt u in geen geval verdunners (benzine, paraffine enz) of reinigingsmiddelen. Reinig buizen nooit met schuurmiddelen, scherpe of snijdende instrumenten zoals metalen borstels of schuurpapier enzovoort.

6 AFVAL

Verwerk afval van buizen volgens de geldende afvalwetten en vervuil er het milieu niet mee.

MERLETT TECNOPLASTIC heeft het recht elementen in deze catalogus te wijzigen en is niet aansprakelijk voor verkeerde toepassingen van de buizen.